Wij zijn in Bethelehem geweest……

Wij zijn in Bethlehem geweest….

In januari vervolgt het leven zijn gewone gang. Maar wij waren in Bethlehem, we waren in onze gedachten bij de aankomst van Jozef en Maria daar. Eindelijk in Behlehem, na een tocht van de negen maanden zwangere Maria van het Noorden van Israël naar het Zuiden, zoals het verhaal gaat. Langs wegen die niet zo geplaveid waren als de onze. Wat een tocht, en dit alleen omdat keizer Augustus, heerser van de toenmalige wereld, het had bevolen. Alweer volgens het verhaal. Of omdat Lucas ons wou laten weten dat het kind dat zou worden geboren, echt Davids zoon zou zijn, Messias, vredevorst?

Hoe dan ook, het verhaal laat zien dat de tijd, waarin het kind dat ‘God bevrijdt’ zou heten, lijkt op de onze: machthebbers, Augustus en Herodes tegenover de machteloos gemaakten, die ánders willen zijn en leven, namelijk actief in de richting van een vrede waarin een ieder tot haar/ zijn recht, mensenrecht in Gods naam, komt. In oktober was ik ook in Bethlehem, met een groepje mensen die meer wilden weten van het conflict zoals zich dat nu afspeelt in Bethlehem, nu een Palestijnse stad, en in heel Israël. We logeerden bij Palestijnse gezinnen, zodat we hun dagelijks leven konden meemaken.  Ik was bij een grote Moslim-familie, met een verleden van vernieling van hun huis en landerijen, dakloosheid, vluchtelingenkamp, de strijd om daaruit te komen en een eigen huis te bouwen, zij het ver van hun dorp van herkomst, dat er niet meer is. Ik hoorde hun verhalen die ze zonder slachtofferschap vertelden. Verhalen die soms wat leken op de gedwongen tocht van de zwangere Maria en de weigering van de herbergier om haar een comfortabel kraambed te geven. Maar de drie generaties van mijn gastfamilie straalden ook doorzettingskracht en een onverwoestbare hoop uit. Net als Vaclav Havel zegt in zijn gedicht over hoop: hoop is geen optimisme, maar een diep vertrouwen dat het uiteindelijk goed zal komen. Het was hartverwarmend en inspirerend om te logeren bij deze dappere familie. Thuisgekomen vroegen mensen mij: “Was het leuk?”. “Nee”, zei ik dan, “het was onthutsend en inspirerend.” “Waarom gaan die Palestijnen niet gewoon weg naar de omliggende Arabische landen”, zei iemand mij. Wat moest ik antwoorden? Wat zouden wij zeggen als de Batavieren weer terugkomen en tegen ons zeggen, hier in Loppersum: “Jullie moeten weg, dit land is alléén van ons. Je bent Europeaan, ga maar naar België of Duitsland”. In de elf dagen dat we in het Palestijnse Gebied op de Westelijke Jordaanoever en Israël waren, hebben we twintig personen, groepen bezocht, die ondanks het allesbeheersende conflict, grimmig en vaak bloedig,  aan een rechtvaardige vrede werken. De eerste dag van onze reis gingen we naar Jeruzalem en bezochten Rabbi Arik Asherman in zijn ruime synagoge. Hij is rabbijn van de grootste liberaal-Joodse gemeente in Jeruzalem. Slechts 20 % van de bevolking van Israël is religieus Joods, en daarvan is het grootste deel orthodox tot streng orthodox. De liberaal Joodse gelovigen zijn een minderheid, maar wel actief. ‘Liberaal’ betekent niet dat zij het niet zo nauw nemen met de Torah, maar dat zij een andere uitleg geven aan de teksten dan de (streng) orthodoxen. Rabbijn Asherman nam vanaf het begin dat hij als rabbijn werkte een actieve rol in het conflict op zich. Hij werkte o.a. in de Negev woestijn en zag hoe de Bedoeinen, die daar sinds bijbelse tijden hun nomadenbestaan leiden, werden opgejaagd, hun tentenkampen verwoest.

Rabbi Asherman begint zijn gesprek met ons met de basis van alles wat hij doet: “Geloof is een zaak van de ziel die doordringt in het dagelijks leven. Mensenrechten zijn niet alleen een juridisch gefundeerde zaak, maar vloeien voort uit diepe waarden en hogere wetten”. In 1995 richtte rabbi Asherman ‘Rabbis for Human Rights’ op. Dat ontwikkelde zich tot de groep waar hij nu voorzitter van is: ‘Torah Tsedek’, Torah/Gods Wet van gerechtigheid. Zijn richtsnoer is dat God van ons vraagt dat we niet meegaan in het machtsspel van de wereld met Augustus, Herodes of Trump of wie dan ook, maar dat we ánders leven. Opkomen voor de zwaksten en onaanzienlijksten, empathie voor zwangere Maria’s. Zo komt hij met Rabbis for Human Rights en nu met Torah Tzedek steeds op voor Palestijnen en hun mensenrechten. Zij doen dat door fysiek naast de bedreigden te gaan staan, een menselijk schild te vormen bij het verwoesten van huizen van Palestijnen, het vernielen van oogsten. Maar zij voeren ook rechtszaken tegen verdrukking en apartheid, tot in het Hoog Gerechtshof. “Een mens valt nooit samen met zijn/haar groep.”, zegt rabbi Asherman. “Niet elke Palestijn is terrorist en niet elke Joodse Israëli is bezetter”. Leden van Torah Tzedek worden aangevallen door Joodse Israëli’s, verwond en belasterd. Rabbi Asherman zelf is meermalen gewond geraakt en voor het gerecht gedaagd. Hij heeft het stigma van de ‘self-hating Jew’, een verrader in veler oog. Wij vroegen hem: “Hoe houdt u dit vol? Is het geen vechten tegen de bierkaai?”.

Hij antwoordt dat hij en zijn medestrijders dit werk zien als een roeping van Godswege om ‘partners van God’ te zijn in de vervulling van de Torah: opkomen voor vreemdelingen  die in je steden wonen bijvoorbeeld. “Door letterlijk naast een Palestijns kind te gaan staan dat dreigt opgepakt te worden voor onbepaalde tijd omdat het een steentje tegen de Muur gooide, geef ik een teken. Ik wil een levende beelddrager van God zijn”.

Hij illustreert dit met een midrasj over het verhaal van Hagar en Ismaël, die gezien wordt als de stamvader van de Islam en de Palestijnen:

“Toen Abraham Ismaël en zijn moeder had verstoten dreigde de dood voor hen in de woestijn. Dood door dorst en honger. Hagar bad tot God om Ismaël te redden en God nam dit in overweging. “Nee, nee”, riepen de engelen, “laat het kind sterven! Daarmee zijn we bij voorbaat af van veel ellende voor het Joodse volk!”. Maar God luisterde niet naar hen en stuurde een engel om Hagar te wijzen op een verborgen bron. God redde het leven van Ismaël en Hagar”.

Bethlehem, Jeruzalem, Loppersum, de wereld van nu…. We zitten nog midden in de wereldse machtsconflicten over wie de grootste en machtigste zal zijn. Gewone mensen die doorgaan met leven, kinderen krijgen, eigen huis en haard koesteren,  kwetsbaar zijn voelen zich machteloos. Mij inspireerden die gewone mensen, mijn gastfamilie in Bethlehem, zó veel Palestijnse en Joodse mensen die geweldloos verzet plegen door partner van God te zijn, volhardend op de weg naar vrede in gerechtigheid. Partner zijn van God, die ook opkomt voor die gewone, kwetsbare mensen.

Riet Bons-Storm

image_pdfimage_print

Bijbelvers van de dag

Wie vriendschap zoekt, dekt fouten toe, wie ze telkens oprakelt, verliest zijn vrienden.