Meditatie februari

De Lijdenstijd

De veertigdagentijd is weer bijna aangebroken. Met Aswoensdag, dit jaar op 18 februari, beginnen deze bijzondere dagen voor Pasen.

In de Rooms Katholieke kerk wordt vaak gesproken over Vastentijd, omdat vroeger voor velen de veertigdagentijd een tijd van vasten was.

In de Protestantse kerk werd vroeger vaak gesproken over de Lijdenstijd. Men bedoelde daar niet mee dat je in die tijd het lijden moest zoeken of dat het goed was om te lijden. Alsof lijden de bedoeling zou zijn, de veertigdagentijd loopt immers uit op vreugde. De vreugde van Pasen, dat is de bedoeling. Men noemde het Lijdenstijd omdat het een tijd is van bezinning op het lijden van Christus.

Als je het hebt over het lijden van Christus, dan heb je het daarmee tegelijk over het lijden van de wereld. Daarover zingen we in de Veertigdagentijd vaak het mooie (vind ik) Gezang 561: O liefde die verborgen zijt. In het derde couplet van dit gezang wordt het geloof verwoord, dat waar mensen lijden het Christus is die lijdt.
De dichter van het lied zegt het zo:

De minsten van de mensen zijn
daar uitgestrekt in angst en pijn.
Tot aan het eind der wereld lijdt
Christus in hun verlatenheid.

 

 

Maar er is zoveel lijden op de wereld, zoveel ellende en pijn. Sommige mensen zeggen: er is veel meer geweld en ellende dan vroeger. Ik denk dat er niet meer is, maar dat je veel meer hoort.
Alles wat er over de hele wereld gebeurt, komt tegenwoordig in een paar uur binnen op je televisie, je radio of op je internet. Al het leed ligt zomaar voor je digitale poort. Ik ben dan wel eens jaloers op de rijke man in het verhaal uit Lucas 16: de rijke man en de arme Lazarus. De rijke man heeft voor de poort van zijn huis alleen de arme bedelaar Lazarus liggen. Dat lijkt gemakkelijker

In onze tijd ligt er zo onoverzichtelijk veel leed voor de poort. Teveel om allemaal te kunnen bevatten, laat staan om er iets aan te kunnen doen.

Maar de vraag is of je alles moet kunnen bevatten.

In het Jodendom of de Islam (maar misschien ook wel in alle twee) kent men de gedachte dat als je één iemand helpt, dan helpt je de hele wereld. Dus het goede is veel, en niet het vele is goed. Ik vind dat een mooie gedachte.

Het gaat er in het verhaal van de rijke man en de arme Lazarus om dat je je hart opent voor het lijden in de wereld. Ook het hart van de Eeuwige staat open voor het lijden van de wereld. Je kunt dat zien in het leven en sterven van Christus. En nog steeds lijdt Christus in onze wereld. Dat brengt de dichter van Gezang 561 tot zijn laatste couplet:

Opdat ook wij o Heer U niet
verlaten in uw diep verdriet
maar bij U zijn in al de pijn
waarmee de mensen mensen zijn.

 

ds Tjalling Huisman