Meditatie december 2017

KERST ALS VOORWOORD

Kerst vind ik een geweldig aansprekend feest. Dat komt door de sfeer van huiselijkheid, door de kaarsjes en andere lichtjes. Ik moet altijd denken aan het heel korte gedicht van Hans Andreus:

Het licht doet me van tijd
tot tijd herinneren
aan het licht.

Ik voel tot nu toe mij elk jaar thuis met kerst, en tegelijk meer dan thuis: kerst verwijst mij naar dat wat boven mij uitgaat.

Tegelijk is kerst een feest dat een dubbel gevoel geeft. Want juist tijdens die gezellige dagen komt het snoeihard aan als je het niet zo gezellig hebt. Als je eenzaam bent of – net zo erg – als je je eenzaam voelt in een gezelschap van mensen die het erg gezellig lijken te hebben. De meeste kerstsongs uit de popmuziek gaan dan ook of over de geweldige gezelligheid van kerst of juist over het tegendeel: dat je je niet thuis voelt met kerst.

Ik moet erkennen dat kerst een laatkomertje is op de christelijke feestkalender. Het eerste en belangrijkste feest van ons geloof is Pasen, met daaraan altijd gekoppeld Goede Vrijdag. Kerst kwam pas later op, zeker het idee om kerst te vieren in december. Dat was een mooie manier om de heidense zonnewendefeesten een halt toe te roepen. Jezus is immers de zon van de wereld, hij is het licht. Dus vieren we rond 21 december niet meer de terugkeer van de zon, maar de komst van Jezus.

Kerst is een laat feest, alsof men het in de vroege kerk niet zo belangrijk vond om het te vieren. En inderdaad, als je een vergelijking maakt tussen het lijdensverhaal van Jezus en zijn geboorteverhaal dan ontdek je iets opvallends. De lijdensverhalen in alle vier de evangeliën lijken veel op elkaar. Maar de geboorteverhalen verschillen nogal.

Marcus, het oudste evangelie, heeft helemaal geen geboorteverhaal. Die valt gewoon met de deur in huis en begint met de doop van Jezus met water en met Geest. Johannes, het jongste evangelie, begint met een prachtige filosofische beschouwing: het gaat eerder over de (weder)geboorte van ons als kind van God dan over de geboorte van Jezus.

Alleen Matteus en Lucas hebben een geboorte-verhaal van Jezus opgeschreven. Maar dat doen ze dan weer zo verschillend dat je je afvraagt hoe dat mogelijk is. Matteus schrijft over Jezus’ geboorte in een huis in Bethlehem, daar komen wijzen uit het oosten op bezoek. Lucas schrijft ook over Bethlehem, maar Jezus wordt geboren in een stal. In zijn evangelie komen herders op bezoek. Wat moet je nu denken van die verschillen?

Ik denk dat de evangelisten het geboorteverhaal dat ze opschreven, zagen als een voorwoord bij hun verhaal over Jezus. Ze willen vertellen wie Jezus is, en hoe belangrijk hij is voor ieder mens. Hun geboorteverhaal is niet het belangrijkste onderdeel daarin. Ze gebruiken het vooral om hun lezers mee te nemen naar wie Jezus is en wat hij met je doet. Voor hen is Jezus zeker het licht dat schijnt in de wereld, het licht waaraan je je eigen licht kunt ontsteken.

Kerst is het feest van het licht van God, dat schijnt  in onze wereld. Dat is niet het licht van hoe ik mij behaaglijk thuis voel met kerst. Maar het licht dat mij doet herinneren aan hoe ik een ander een thuis kan geven.

Ds. Tjalling Huisman