Kom naar het feest!

Welkom hier, vreemdeling, welkom verschoppeling,
winnaars, verliezers, kom, mensen als wij.
Welkom hier reizigers, moe en versleten,
kom, eet met ons, weet bij ons welkom te zijn.

Zo begint het lied “Kom naar het feest” dat we met elkaar willen zingen in de gezamenlijke dienst van het cluster met Pinksteren. Een feest, dat was Pinksteren zeker. Jezus’ leerlingen hadden dagenlang gewacht en gebeden met elkaar. Verwachtingsvol. Hoopvol. Waarom? Jezus heeft hen toch alleen achtergelaten met Hemelvaart? Niet alleen. Hij moest gaan, zodat de Heilige Geest kon komen. En daarom wachten de leerlingen met elkaar, in Jeruzalem, totdat die beloofde Geest komt.

En dan komt Pinksteren. Een windvlaag waait door de kamer, vuurtongen verspreiden zich over de hoofden van de aanwezigen, en ze worden vervuld met de Heilige Geest. Ze kunnen niet meer binnen blijven. Ze gaan naar buiten, en vertellen enthousiast in alle talen over wat God heeft gedaan! Want Jezus, die was gekruisigd, is opgestaan uit de dood.

Pinksteren is ontzettend wonderlijk. Op één dag groeit de kerk uit van een handjevol mensen naar een paar duizend, om in de periode daarna door te blijven groeien. God raakt mensen aan. Door Zijn Geest komt Hij dichtbij.

En met Pinksteren worden grenzen doorbroken. Het verhaal van God klinkt in alle talen. Mensen met hele verschillende achtergronden, met verschillende culturen horen van de leerlingen over Jezus. Daarom is het ook zo mooi om het met elkaar te vieren, als verschillende gemeentes in het cluster. Ook wij kunnen niet binnen blijven, op onze eigen plek, maar zoeken elkaar op om dit feest met elkaar te vieren. Want de Geest doorbreekt nog altijd grenzen. Zelfs die van de kerk.

Kom dus naar het feest!

Kom naar het feest, er is ruimte aan tafel.
Kom maar en doe met ons mee.
De Koning vol liefde staat zelf bij de deur,
om de mensen te vragen voor het feest dat Hij geeft.
Om de wereld te vragen voor het feest dat Hij geeft.

Jake Schimmel, Anne Nijland, Marco Roepers