Gunning en zijn tijd

gunning07a
J.H. Gunning jr. op jonge leeftijd

In januari 2013 volgde ik mijn eerste cursus in het kader van de permanente educatie voor  predikanten. Het onderwerp van die cursus was de theoloog J.H. Gunning jr. (1829-1905).

Zijn leven ligt al meer dan 100 jaar achter ons en valt bijna in zijn geheel in de 19e eeuw, een totaal andere tijd dan de onze, met een heel andere taal. Gunnings manier om zich uit te drukken verschilt behoorlijk anders van wat tegenwoordig gebruikelijk is. Toch zijn er meer overeenkomsten tussen de 19e en de 21ste eeuw dan op het eerste gezicht lijkt.

De 19e eeuw was een tijd van snelle ontwikkelingen. De industriële revolutie trok in de loop van die eeuw over Europa en veranderde de samenleving ingrijpend. Ook in de wetenschap waren er snelle veranderingen.

Wat vooral gebeurde was dat wetenschap en geloof uit elkaar begonnen te vallen. Bevestigden geloof en wetenschap elkaar nog in de 18e eeuw grotendeels, in de 19e eeuw wordt de kloof nadrukkelijk zichtbaar. Kerk en theologie reageren daarop. Maar dat gebeurde op heel verschillende manieren. Er ontstonden richtingen.

Gunning webpagina
J.H. Gunning jr. meer op leeftijd

Het Réveil, Frans voor ontwaken, streefde naar bekering, naar een nieuwe toewending van de Nederlandse maatschappij naar het evangelie volgens de Protestantse belijdenisgeschriften. Later groeide daar ook maatschappelijke betrokkenheid uit voort. Uit het Réveil ontstond het confessionalisme: De kerk en haar voorgangers dienden de bijbel van kaft tot kaft te aanvaarden en zich te onderwerpen aan het gezag van de belijdenisgeschriften. De houding tegenover wetenschap en bijbelkritiek was negatief gekleurd. De wetenschap was gebaseerd op een revolte tegen God. Wetenschap was een bedrijf waar de mens actief was die van God af wilde.

Daar tegenover stonden de modernen. Zij aanvaardden wetenschap als een waarachtig streven naar waarheid. Kerk en theologie dienden dan ook de bevindingen van wetenschap te verwerken. De bijbelkritiek was fundamenteel voor theologiebeoefening. De historische Jezus moest uitgepeld worden uit de bijbelse overleveringen om zo tot een echt begrip van Jezus te komen.

J.H. Gunning jr. wist zich verwant met het Réveil. Hij stond als Nederlands-Hervormd predikant in Den Haag in contact met de bekende Groen van Prinstrerer die hij heel hoog had, maar met wie hij het zeker niet altijd eens was. Hij hechtte grote waarde aan de bijbel en de belijdenisgeschriften maar wilde wetenschap en de bijbelkritiek niet helemaal verwerpen. Binnen dat spanningsveld bewoog zijn theologische arbeid, eerst als predikant, later als hoogleraar.

Leer en leven

Om de theologie van Gunning neer te zetten begin ik met een deel uit het tweede hoofdstuk uit de brief aan de Filippenzen.

Laat die gezindheid bij u zijn, welke ook in Christus Jezus was, die, in de gestalte Gods zijnde, het Gode gelijk zijn niet als een roof heeft geacht, maar Zichzelf ontledigd heeft, en de gestalte van een dienstknecht heeft aangenomen, en aan de mensen gelijk geworden is. En in zijn uiterlijk als een mens bevonden, heeft Hij Zich vernederd en is gehoorzaam geworden tot de dood, ja, tot de dood des kruises. Daarom heeft God Hem ook uitermate verhoogd en Hem de naam boven alle naam geschonken, opdat in de naam van Jezus zich alle knie zou buigen van hen, die in de hemel en die op de aarde en die onder de aarde zijn,

Voor Gunning was heel belangrijk dat Christus zichzelf verlaagd heeft. Hij heeft een offer gebracht voor het heil van de wereld. Hij was God maar is mens geworden en heeft zelfs met zijn lijden, zijn kruisdood, het lot van de mensheid gedragen. Geheel onverdiend heeft hij zich uit liefde weggecijferd. Voor ons heil heeft hij dat gedaan. Met deze theologische inzet stemt hij overeen met de confessionelen.

Maar de leer is hem niet genoeg. Het gaat uiteindelijk om het leven. Dat Christus nagevolgd wordt. De waarheid is ethisch. Daarin stemde hij overeen met zijn belangrijkste leermeester D. Chantepie de la Saussaye (1818-1874). Samen zijn zij de belangrijkste grondleggers van de theologische richting de Ethische Theologie. In navolging van Jezus gaan we ons zelf verloochenen. Niet meer ons zelf belangrijk vinden, maar Christus. Dat hij in ons groeit. Dat zijn liefde in ons zichtbaar wordt. In die overgave geven wij om de ander. Daar krijgt het geloof gestalte. Het gaat om het leven en niet om de leer.

Hij verzette zich tegen pogingen van de confessionelen om modernen via juridische procedures uit het ambt te zetten. Daarmee wordt immers enkel maar de leer beoordeeld en wordt voorbij gezien aan het leven. Mogelijk dat daar, in het leven, veel meer evangelie zichtbaar is. Dat het evangelie toch zijn werk doet. De leervrijheid was voor hem heel wezenlijk. De vrijheid om te onderzoeken was een van God gegeven vrijheid. Toen hij predikant in Den Haag was had hij daar een collega, Zaalberg. Deze werd een steeds radicalere moderne theoloog: Hij wilde trinitarische doopformule (in naam van de Vader  Zoon en Heilige Geest) niet meer uitspreken en veel kerkenraadsleden wilden zijn diensten niet meer bijwonen. Gunning herkende die tendens bij Zaalberg al vroeg en weigerde hem daarom de hand te schudden als zijnde een geestverwant, maar vond niet dat hij afgezet moest worden. Hij bestreed zijn denkbeelden, maar richtte zich niet op de bestrijding van de persoon en bleef warme persoonlijke betrekkingen met hem onderhouden, en dat laatste heeft ook Zaalberg geschreven.

Zelfverloochening in de 21ste eeuw

Is zelfverloochening nog wel te gebruiken in de 21ste eeuw als term? Het stuit ons tegen de borst. Zelfontplooiing daarentegen is juist erg belangrijk. Wat moeten we nog met zelfverloochening? Een 19e eeuws begrip, rijp voor het museum?

Laten we eens kijken naar onze eigen tijd: De affaire Diederik Stapel. Stapel heeft vele jaren kunnen frauderen door onderzoeksresultaten te verzinnen.De voorzitter van de KNAW, het belangrijkste overkoepelende instituut voor de wetenschap in Nederland, Dijkgraaf concludeerde dat het zelfreinigend vermogen van de wetenschap maar weer was gebleken. De fraude was immers aan het licht gekomen. Geen theoloog reageerde. Gunning zou wel gereageerd hebben.

Want het zelfreinigend vermogen van de wetenschap was helemaal niet gebleken! De fraudeur heeft jarenlang zijn gang kunnen gaan. Zo lang dat de vraag rijst hoe veel meer van dit soort gevallen er zijn. En nog erger: zijn er misschien nog heel veel meer gevallen van fraude die niet zo grof zijn, maar genuanceerder, maar die wel heel schadelijk zijn voor het vinden van de waarheid?

Stapel heeft juist wel gedaan aan zelfontplooiing. En hij heeft zich een naam verworven boven alle naam, helaas nu wel als een roof (vergelijk Filippenzen 2:6). Maar dat is juist het wezen van de natuurlijke mens, als hij zichzelf gaat ontplooien en hij komt in de gelegenheid, dan is de stap gemakkelijk gemaakt tot bedrog. Als niemand er naar maalt, waarom zou hij of zij het niet doen?  Het eerste slachtoffer is dan de waarheid en met haar de wetenschap.

De waarheid is teer, kwetsbaar en omgang met de waarheid vereist daarom zelfverloochening, niet ik, niet mijn prestige moet gevestigd, niet mijn vakmanschap moet bewezen worden, maar juist de waarheid. Wat kan nu in oprechtheid van mijn onderzoek gezegd worden? Waar hebben anderen het beter gedaan? Dat vraagt om liefde, om de waarheid te zijn toegedaan. En dat gaat tegen de natuurlijke mens in. De waarheid is geestelijk, hoger dan onze drift naar prestige.

Daarom fundeert Gunning de wetenschap op het kruis. Zij komt tot bloei via de weg van Jezus, via de weg van zelfverloochening, via de bereidheid om te lijden voor de waarheid. Die weg, het ware inzicht opdoen van zichzelf en zo de obstakels voor de waarheid te vinden, het erkennen van de natuurlijke mens en haar gerichtheid is onmisbaar voor wetenschapsbeoefening.

Gunning stond in goed contact met velen van hen en zijn oudere broer, die scheikundige was, leerde hem dat de wetenschappelijke methoden van de empirische wetenschap anders zijn dan die van de geesteswetenschap. Gunning erkende ook het belang van veel wetenschappelijk onderzoek (bv. de verklaring van Darwin over een evolutie van de soorten), maar hij vond het niet juist als wetenschappers op grond daarvan vergaande conclusies trokken over de onhoudbaarheid van het geloof en de christelijke levensbeschouwing. Ook daarom hield hij een pleidooi voor zelfverloochening: wees je ervan bewust dat de empirische wetenschap de verschijnselen van de huidige werkelijkheid waarneemt en verklaart, maar dit moet niet leiden tot een vernauwing alsof alles daarmee gezegd is. Zelfverloochening wordt zo tot een leidend principe binnen de wetenschapsbeoefening. En de zuivere vorm van zelfverloochening is in Christus te vinden. Zijn kruisdood wijst hier de weg.

Zo blijkt zelfverloochening helemaal niet achterhaald te zijn. Het kan ons ook in de 21ste eeuw de weg wijzen. Ook bij ander maatschappelijke thema’s. Denk eens  aan de problemen rond topsalarissen. Wordt dat niet vaak verdedigd met de opmerking dat talent toch ook zijn geld waard mag zijn? Is dat geen motief dat voortkomt uit de gedachte van zelfontplooiing? Zelfontplooiing zal niet snel tot matiging leiden, integendeel. De weg van zelfverloochening, die leidt tot gematigdheid, tot waarachtige uit het innerlijk voortkomende matiging. Het opnemen van het kruis van Christus maakt dat mensen afzien van de hoogste beloningen. Omdat ze die al ontvangen hebben in Christus. De dienstbaarheid van Christus, zet aan tot de eigen dienstbaarheid.

Zo kan de oude theoloog Gunning ons eigen Christelijk geloof verdiepen en helpen het vorm te geven in ons leven. Het lijkt misschien vreemd om met iemand uit het verleden in gesprek te zijn en dan nog iets leren ook. Gunning deed dat ook. Gunning was in gesprek met alle eeuwen. Ook dat is iets wat ons wijzer kan maken. Er is van Gunning nog veel meer te vertellen. Van zijn oecumenische gerichtheid, van zijn reageren op ontwikkelingen van de tijd. Hoe zelf verloochening in zijn theologiebeoefening gestalte kreeg, van zijn houding tegenover Kuyper en de Gereformeerden. Zijn reactie op opwekking. enz. Kortom nog veel te veel om op korte termijn klaar mee te zijn.

Meer informatie

J.H. Gunning jr. Verzameld Werk 1 Zoetermeer 2012  ISBN 9789023921127

www.jhgunningjr.nl

ds. Marco Roepers (met dank aan de docenten van de cursus dr. Theo Hettema en Leo Mietus die ook voor dit artikel waardevolle suggesties en aanvullingen hebben gegeven).