Categorie archief: Meditatie

Meditatie september 2016

Schepping
Voor velen is de tijd van vakantie weer voorbij. Vaak wordt in die tijd nog meer dan in het gewone leven, genoten van de wonderen der schepping. Of dit nu is in verre oorden of dicht bij huis. Wat kan er een rust en vrede uitgaan van zo’n karakteristiek wierdedorpje in ons wijde Groninger land beschenen door de middagzon. “Nu is het stil geworden zoals een zomer om de dorpen bloeit” ( Gerrit Achterberg). In de natuur hebben sommigen ook een ervaring van iets goddelijks, een besef dat er iets groter is dan ons eigen bestaan. Misschien is het ook de stilte en het weg zijn uit een vaak jachtig leven dat mensen meer ontvankelijk maakt voor het spirituele en is er ruimte na te denken over diepe levensvragen. In zijn zonnelied looft en dankt Franciscus God voor de schepping aan de hand van vier natuurverschijnselen n.l. Wind, Water, Aarde en Vuur. Deze elementen spelen ook een belangrijke rol in de  bijbel en het geloof. Als meditatie heb ik over ieder van deze enkele gedachten geschreven met daarbij een aansprekend lied uit het liedboek.

Wind.
Geloofd zij God om broeder wind, zegt Franciscus.  De wind, je weet niet waar hij vandaan komt en waar hij heengaat, maar je hoort zijn geluid. Je hoort het ruisen van de bladeren in de avondwind, het suizen van een zachte stilte en soms de storm die loeit om het huis. En op het platteland van Groningen weet niemand beter dan een fietser wat tegenwind betekent. Een leven zonder wind is doods. We moeten naar buiten daar waait de wind, ook de wind van de geest. Want in het hebreeuws wordt wind vertaald met het woord ruach dat ook geest betekent. In de vertaling van de bijbel in gewone taal staat in Gen. 1:1 :“En er waaide een hevige wind over het water” en niet zoals ons vertrouwder in de oren klinkt: “En de Geest Gods zweefde over de wateren”. Beide vertalingen zijn uit het Hebreeuws correct weergegeven. De geest van God die ook waait als een wind, die ons leidt en inspireert. Die ons  in beweging houdt en ons een steun geeft in de rug als het tegenzit. De geest van God die zich niet laat vangen door mensen maar zoals Jezus zegt in het evangelie van Johannes, die waait waarheen hij wil.

 Lied 691 

In stilte werkt de geest van God,
stuwt voort met vaste krachten,
een wijze moeder die ons hoedt,
een bron van goede machten.
Zij geeft ons moed om door te gaan,
doet mensen weer elkaar verstaan,
omgeeft ons als een mantel

Water,
je hebt geen smaak, geen klank en geen geur. Men kan je niet beschrijven, men geniet alleen van je, zonder je te kennen. Je bent niet iets wat nodig is voor het leven, je bent het leven zelf”.  Mocht er ooit een andere planeet worden ontdekt waar leven is dan moet er water zijn. Zonder water geen leven.

In de bijbel heeft water vaak een negatieve klank en is het een symbool van ondergang en dood. De zee wordt als  een bedreiging gezien. Jona wordt overboord gegooid, de zondvloed verzwelgt alles. En ook vandaag aan de dag weten we maar al te goed dat de zee meedogenloos te keer kan gaan. Maar er is ook de zee waar mensen steeds weer terugkeren. Die een gevoel van rust en ruimte biedt en nooit verveelt. Er zijn mensen, misschien u ook wel, die uren over de zee uitkijken en genieten van het spel der golven. De zee inspireert hen om af te dalen in hun eigen innerlijk en hun gedachten de vrije loop te laten. In de bijbel staat het water ook symbool voor het toekomstig rijk van God en voor het levende water, het Woord van God. Levend water, altijd in beweging altijd anders, geestrijk, niet gehinderd door  dogma’s of dode letters. In het bekende verhaal van de Samaritaanse vrouw gaat het ook over het levende water dat gaat stromen, dat beweging brengt in vaststaand denken. Dat mensen grenzen doet overschrijden. Johannes de Doper doopt mensen in de Jordaan en wekt hen tot een nieuw leven. Er is bij God altijd een nieuw begin, een nieuwe kans.

Onderstaand lied verwijst naar de 3e scheppingsdag.

 Lied 356

O God die uit het water
in het begin
de aarde hebt geroepen
de grote toekomst in.

Aarde.
Franciscus noemt haar moeder aarde die voedt en troost en bloemen en vruchten geeft zonder tal. Hier op het platteland van Groningen met z’n vruchtbare klei vinden we dit haast vanzelfsprekend. Totale misoogsten door overstromingen of droogte komen hier niet voor. Maar er zijn ook streken zoals in Afrika waar mensen met harde lichamelijk arbeid er nauwelijks in slagen om wat schamele vruchten te oogsten. Aarde dat is ook de grond onder je voeten. Kus de grond, zei iemand eens, en ga op je rug liggen, volg de wolken in het oneindige blauw en laat de vrede Gods in je neerdalen. Aarde en hemel komen dan bij elkaar. Natuur kan een godservaring zijn.

De gaven der aarde moeten worden verdeeld en daar lijkt het in de wereld totaal niet op. Het rijke westen slokt het grootste deel op. Een bekende uitspraak van Gandhi is: ‘De aarde biedt genoeg voort ieders behoefte maar niet voor ieders hebzucht’. Daar zouden de leiders der wereld meer bij stil moeten staan. Anders wordt de aarde leeggeroofd en is het onheil niet te overzien. De aarde moet worden beschermd voor vernieling en uitbuiting maar nog altijd heeft de economie het laatste woord en zijn politieke partijen bang hun aanhang te verliezen als ze oproepen tot versobering. Het is schandalig zoveel kostbaar voedsel wordt verspild en klakkeloos wordt weggegooid door ons als verwende consumenten.

Gods goede schepping is in mensenhanden gelegd om te beschermen en te bewaren. zoals het volgende lied zegt..

Lied 718

God die leven hebt gegeven in der aarde schoot,
alle vrucht der velden moeten we u vergelden dank voor ’t dagelijks brood.
Niet voor schuren, die niet duren,
gaf Gij vruchtbaarheid, maar opdat uw aarde,
in uw goede gaarde, niemand honger lijdt.

 Vuur.
Vuur is volgens een mythe ooit gestolen van de hemel. Vuur geeft licht en warmte. Het grillige spel van de vlammen bij een kampvuur is fascinerend. Vuur is ook de gouden gloed van de zon die door zijn stralen de nacht verdrijft. In zijn zonnelied roemt Franciscus de zon als de glans die straalt van Gods aangezicht. Gods vriendelijk aangezicht geeft vrolijkheid en licht, zegt een psalmvers. De zon die, zoals Jezus zegt, geen onderscheid maakt en op gaat over kwaden en goeden. In wolk en vuur ging de Eeuwige zijn volk voor op weg naar het beloofde land. Wolk en vuur, symbolen van de Eeuwige, de altijd Aanwezige. De Heer doe zijn aangezicht over u lichten, woorden uit de Aäronitische zegen die over ons worden uitgesproken aan het einde van de kerkdienst. Licht uit God geboren dat ons groet als de dageraad en de duisternis verlicht.

 Lied 600

Licht, geschapen, uitgesproken,
licht, dat straalt van Gods gelaat,
licht uit licht, uit God geboren,
groet ons als de dageraad.

Met Franciscus zeggen wij: “Geloofd zij God, om broeder wind, om zuster water, om broeder vuur en moeder aarde. Wij willen nederig en klein, de dienaars van uw grootheid zijn.”

Als afsluiting lied 216 dat we zongen in de dienst op 21 augustus jl.

Dag van mijn leven, licht voor mijn ogen,
licht dat ooit speelde waar Eden lag.
Dank elke morgen Gods nieuwe schepping,
dank opgetogen Gods nieuwe dag.

 Bertus Huizing

Meditatie juli 2016

Psalmen uit de eeuwigheid

De moeder de vrouw
Ik ging naar Bommel om de brug te zien.
Ik zag de nieuwe brug. Twee overzijden
die elkaar vroeger schenen te vermijden,
worden weer buren. Een minuut of tien
dat ik daar lag, in ’t gras, mijn thee gedronken,
mijn hoofd vol van het landschap wijd en zijd –
laat mij daar midden uit de oneindigheid
een stem vernemen dat mijn oren klonken.

Het was een vrouw. Het schip dat zij bevoer
kwam langzaam stroomaf door de brug gevaren.
Zij was alleen aan dek, zij stond bij ’t roer,

en wat zij zong hoorde ik dat psalmen waren.
O, dacht ik, o, dat daar mijn moeder voer.
Prijs God, zong zij, Zijn hand zal u bewaren.

Martinus Nijhoff (1884-1953

Martinus NijhoffNijhoff in 1913 is vaak de prins der dichters genoemd. Zijn gedichten staken blijkbaar uit boven die van zijn tijdgenoten. Een van de bekendste gedichten is het sonnet De Moeder de Vrouw dat hierboven staat. Een gedicht met een dubbele bodem. Het beschrijft de ervaring van iemand die naar Zaltbommel gaat om de nieuwe brug daar te bekijken. Hij gaat daar in het gras liggen en hoort vanaf een schip een vrouw een psalm zingen en dat doet hem denken aan zijn moeder.

Tegelijkertijd wordt er een religieuze ervaring beschreven. De oevers van de rivier vormen als het ware twee werkelijkheden die los van elkaar stonden en nu door die brug met elkaar verbonden worden. Wat mij opvalt is het spel dat Nijhoff hier speelt met de enjambementen: de regeleinden vormen niet het einde van de zinnen. Daarmee worden de zinnen gebroken, maar de regels met elkaar verbonden. Dat klopt helemaal met thema van dit gedicht: De werkelijkheid is gebroken omdat ze in twee gescheiden werkelijkheden uiteen is gevallen, maar in deze ervaring worden ze verbonden: Het einde van regel 2 eindigt met “Twee overzijden.”

Dat ze los van elkaar staan wordt hierdoor benadrukt. Het vervolg van de zin geeft dat ook aan: ze schenen elkaar te vermijden. Maar dan eindigt regel 4 met: Een minuut of tien. Zolang duurt een soort van mystieke ervaring waar het gedicht om draait en waarin   die beide werkelijkheden weer met elkaar zijn verbonden: de oneindigheid vult de eindigheid in een beperkte tijdspanne. Even wordt die fysieke brug een zinnebeeldige die de gebrokenheid opheft. Hij hoort zijn moeder zingen in de stem van die vrouw. Zij zingt een psalm, een Geneefse psalm: “Prijs God, Zijn hand zal u bewaren”. Deze regel bestaat niet in het Geneefs psalter, maar geeft wel de essentie weer van die 150 oude psalmen die al eeuwenlang in de Hervormde en Gereformeerde kerken gezongen worden. Geborgenheid door de bescherming van de hand van God. Het zijn liederen die Nijhoff zijn moeder al hoorde zingen vanaf zijn vroegste jeugd en de geborgenheid die hij toen ervoer, dringt zich weer aan hem op, het overkomt hem.

Het is een Geneefse psalm die in de verbinding tussen eindigheid en oneindigheid, in de heling van de gebrokenheid, in dit gedicht een belangrijke rol spelen. Ze staat in het hart van deze religieuze ervaring. Die psalmen dragen dat met zich mee door hun karakter. De melodieën hebben sterke onderlinge overeenkomsten: vrijwel aan elke regel een rust, halve en kwartnoten geen gepunteerde of langere of korte noten en weinig lettergrepen die op meer noten gezongen worden. Dat geeft die melodieën rust en toch blijven ze levendig. Het begrijpen van de psalmen kost ons moeite omdat ze een heel eigen taal hebben die niet in deze tijd lijkt te passen, maar hoe zou een verbinding van het oneindige in het eindige ook helemaal in onze eigentijdse taal kunnen passen. Doordat de taal refereert aan een andere tijd  zorgt die ervoor dat de oneindigheid zich daarin aan ons kan uitdrukken. Juist dat versterkt het religieus karakter van de psalmen verder.

Het gedicht stamt uit de jaren 30. De vertaling van de Geneefse Psalmen in ons huidige liedboek (de nummers 1 t/m 150, zonder een letter achter het nummer) bestond nog niet. Men wilde begin jaren vijftig een een nieuwe psalmberijming en droeg dat op aan Martinus Nijhoff. Martinus Nijhoff beschouwde de oude berijming als een monument en toch nam hij die opdracht aan. Hij verzamelde een groep jonge dichters om zich heen en ging aan het werk. In 1953 overleed hij al, het werk was amper begonnen. De groep jonge dichters werkte er verder aan in zijn geest. De nieuwe berijming heeft zich daardoor niet losgemaakt van de taal van de oude en toch was het een vernieuwing. Dat was een knappe prestatie. In de psalmendienst van 10 juli gaan wij in de Vredekerk dit oud eerbiedwaardig immaterieel erfgoed vieren dat voor tientallen generaties in Nederland een essentieel onderdeel van de religieuze ervaring is geweest. En we gaan daarbij ook een psalm zingen die door Nijhoff zelf opnieuw is berijmd: Psalm 150, de grote finale van het psalter.

Ds. Marco Roepers

 

Meditatie juni 2016

SLOW DOWN

‘Slow down, brother’ zong Douwe Bob op het Songfestival. Hij had er van mij wel wat hoger mee mogen eindigen.

Als het buiten weer warmer wordt, dan lijkt dat wel haast als vanzelf te gebeuren: je tempo gaat een tandje lager, omdat de temperatuur een graadje hoger is. Alles wat je moet, wordt gerelativeerd door de loomheid die de warmte met zich meebrengt. En je moet zoveel. Er is zoveel te doen en zoveel mee te maken. En mocht je even zijn vergeten wat ook al weer, dan schreeuwt de reclame je wel door brievenbus, beeldbuis en internet toe wat je allemaal nog gezien, gekocht, gedaan en meegemaakt moet hebben.

Kijk naar de mier, luiaard zegt het Bijbelboek Spreuken (6,6) en bij Mattheüs staat te lezen: Wees dus volmaakt (5,47). Voldoende brandstof om ook in kerk en geloof de gaspedaal stevig ingedrukt te houden. Maar volmaakt, ho eens even. Aan volmaakte mensen heb ik een hekel, en wie eigenlijk niet. Het is veel fijner als iemand die je hoog hebt, toch een klein minpuntje aankleeft. Net zoals het fijn is als de dominee in de kerk eens een beker met wijn omstoot, of als de ouderling zich verspreekt of de diaken al het geld uit het zakje laat rollen. Hé, dat is ook een mens, net als ik! Wees dan volmaakt, moet je dan ook niet lezen als een aansporing om perfect te zijn. Maar als een aansporing om een mens uit één stuk te zijn, betrouwbaar.

Je hoeft dus niet voortdurend op je tenen te lopen en altijd maar bezig te zijn, om uiteindelijk de staat van perfectie te bereiken. De Bijbel is in al zijn aansporingen om het goede te doen, ook erg van de rust: Hij geeft het zijn lieveling in de slaap, zegt de Psalm (127,2). En als je de rest van de Bijbel goed leest, begrijp je wel dat die belofte niet aan één enkeling maar aan iedereen gericht is. Ook staat de hele Thora in het teken van de bevrijding uit de slavernij van het altijd maar moeten werken (Exodus 20,1). Daar hebben wij nog steeds één vrije dag per week aan te danken (zie Deuteronomium 5,15), die wij helaas in onze 24uurs economie hopeloos aan het verpatsen zijn.

Weliswaar staat er in de Spreuken: kijk naar de mier, luiaard; maar even Bijbels is de omdraaiing: kijk naar de luiaard, mier!

De luiaard is zo ‘n wollig dier met te lange ledematen, dat voornamelijk in bomen leeft. De luiaard is niet lui, maar hij doet het gewoon wat langzamer aan. Hij is geen Dafne Schippers, ietsje minder opvallend: hij legt de 100 meter af in 40 minuten. Het is niet iets voor een olympische arena, maar hij komt er wel. Voor vele mieren kan de luiaard een voorbeeld zijn. Neem eens de tijd om zomaar te luisteren naar je ziel. Als je niet weet waar die zit, zij laat vanzelf van zich horen als je er voor gaat zitten.

Jacobspad bewegwijzeringLoop eens een stukje over het Jacobuspad dat hier zomaar langskomt, al mijmerend over je levensweg. Laat je eens verrassen door een toevallige ontmoeting met iemand die je te denken geeft. Ga eens zitten aan een kabbelende bron, om opeens te ontdekken dat je daar gewoon een beetje met God zit te praten. Staar eens als een kind voor je uit, om dan te ervaren dat je eigenlijk bij jezelf naar binnen zit te kijken.

Kortom, slow down brother (and sister).

ds Tjalling Huisman

Kom naar het feest!

Welkom hier, vreemdeling, welkom verschoppeling,
winnaars, verliezers, kom, mensen als wij.
Welkom hier reizigers, moe en versleten,
kom, eet met ons, weet bij ons welkom te zijn.

Zo begint het lied “Kom naar het feest” dat we met elkaar willen zingen in de gezamenlijke dienst van het cluster met Pinksteren. Een feest, dat was Pinksteren zeker. Jezus’ leerlingen hadden dagenlang gewacht en gebeden met elkaar. Verwachtingsvol. Hoopvol. Waarom? Jezus heeft hen toch alleen achtergelaten met Hemelvaart? Niet alleen. Hij moest gaan, zodat de Heilige Geest kon komen. En daarom wachten de leerlingen met elkaar, in Jeruzalem, totdat die beloofde Geest komt.

En dan komt Pinksteren. Een windvlaag waait door de kamer, vuurtongen verspreiden zich over de hoofden van de aanwezigen, en ze worden vervuld met de Heilige Geest. Ze kunnen niet meer binnen blijven. Ze gaan naar buiten, en vertellen enthousiast in alle talen over wat God heeft gedaan! Want Jezus, die was gekruisigd, is opgestaan uit de dood.

Pinksteren is ontzettend wonderlijk. Op één dag groeit de kerk uit van een handjevol mensen naar een paar duizend, om in de periode daarna door te blijven groeien. God raakt mensen aan. Door Zijn Geest komt Hij dichtbij.

En met Pinksteren worden grenzen doorbroken. Het verhaal van God klinkt in alle talen. Mensen met hele verschillende achtergronden, met verschillende culturen horen van de leerlingen over Jezus. Daarom is het ook zo mooi om het met elkaar te vieren, als verschillende gemeentes in het cluster. Ook wij kunnen niet binnen blijven, op onze eigen plek, maar zoeken elkaar op om dit feest met elkaar te vieren. Want de Geest doorbreekt nog altijd grenzen. Zelfs die van de kerk.

Kom dus naar het feest!

Kom naar het feest, er is ruimte aan tafel.
Kom maar en doe met ons mee.
De Koning vol liefde staat zelf bij de deur,
om de mensen te vragen voor het feest dat Hij geeft.
Om de wereld te vragen voor het feest dat Hij geeft.

Jake Schimmel, Anne Nijland, Marco Roepers

 

Meditatie maart Tjalling Huisman

Pasen

Met de vergelijking tussen Pasen en de lente heb ik wat moeite.

Er wordt dan gezegd: zoals in de lente de dode natuur tot leven komt, zo wordt ook met Pasen de dood overwonnen. Natuurlijk geniet ik ook van de bollen, waaruit bloemen groeien en van de bomen waaraan bloesem bloeit. Maar de natuur, die is mij te grillig en te onbetrouwbaar: de één eet de ander maar op alsof het niets is.

Het gaat mij niet om leven en dood in het algemeen, het gaat om die éne dode. Waar is die gebleven? Is hij of zij voor eeuwig kwijt, niets over dan stof? Is zijn of haar naam nog ergens anders geschreven dan op een grafsteen of op de eeuwige velden van het wereldwijde internet?

Dat zijn vragen die blijven. Het zijn geen vragen waar je zomaar een gemakkelijk antwoord op kunt geven. Pasen is geen toverfeest. Het blijft tasten naar betekenis, zoeken naar geloof. Pasen is het geloof dat die éne dode niet kwijt is. Het is Gods bevestiging dat de weg van Jezus de goede weg is. Het is Gods bevestiging van zijn eeuwige verbondenheid met de mens.

De dichter A. Marja schetst in zijn gedicht De derde Emmaüsganger hoe gereageerd wordt op Jezus’ opstanding met de uitroep: Een wonder! Een wonder!

En hij vervolgt dan:
alsof het daarom ging…
nu goed dan ik (dat is Jezus) begon het hen opnieuw uit te leggen
dat het niet om dit einde ging en dat het logisch was dat ik het loodje legde maar dat het nieuwe rijk er was voor wie ogen had om te zien en oren om te horen dat het niet ging om mij maar om de timmermannetjes en de hoertjes en de dichtertjes om de joodjes en de germaantjes om de hongaartjes en de rusjes om de negertjes en de algerijntjes om de mensjes die gekke wezentjes…..

Pasen is geen toverfeest.
Het is Gods bevestiging dat de weg van Jezus de goede is.
Het is Gods bevestiging van zijn eeuwige verbondenheid met het menselijk bestaan. Dat menselijk bestaan van vallen en opstaan.
En dat het vallen niet het laatste is.

ds. Tjalling Huisman

Meditatie maart Marco Roepers

Psalmen met Pasen

Pasen is een feest om bij te zingen. We vieren de opstanding van Christus. Dat is een feest, een groot feest en bij feesten hoort muziek. De verkondiging van de opstanding van Christus is ook iets wat ons voorstellingsvermogen te boven gaat. Dat maakt het tegelijkertijd moeilijker om het vieren, maar juist dan komt het op zingen aan. “We zingen het geloof naar binnen”, zei de dichter Ad den Besten ooit. We zingen niet alleen omdat we geloven, maar ook opdat we geloven. En juist het hoge feit van de overwinning van Christus op de dood is iets dat bij uitstek bezongen moet worden.

Maar zijn de psalmen daarvoor geschikt. De psalmen uit het liedboek, de nummers 1 t/m 150 uit het nieuwe Liedboek zijn berijmde varianten van de Bijbelse psalmen. Die staan in het Oude Testament en dateren uit de tijd voor Jezus. Jezus wordt niet met name genoemd want hij was nog niet geboren toen ze geschreven werden. Zijn opstanding wordt niet als zodanig als feit vermeld. Dus nee, de psalmen zijn niet geschikt voor Pasen.

Maar de uittocht van Israël uit Egypte, dat wordt wel uitgebreid bezongen in de psalmen. De uittocht wordt gevierd met het Pascha en het feest van de ongezuurde broden dat direct erop volgt. Het is het feest van bevrijding uit de slavernij en van die bevrijding verhalen veel psalmen. Psalm 78, 81, 105, 114, 135 en 136 bijvoorbeeld. De psalmen maken ook deel uit van Pesach, worden de psalmen 113 t/m 118 gezongen, die samen het Hallel worden genoemd. De gevangenneming van Jezus, lijden en sterven gebeuren tijdens dit feest. De bevrijding die dit brengt is nauw verbonden met de bevrijding die met Pesach  gevierd wordt. Maar het is tegelijkertijd een transformering van de thematiek. In dood en opstanding van Jezus gaat het om de bevrijding uit de macht van het kwaad en de dood voor heel de mensheid. Zijn de psalmen dan wel geschikt om Pasen mee te vieren? Want komt deze transformering dan wel aan bod? In Handelingen 4 getuigt Petrus voor het  Sanhedrin, die eerder Jezus veroordeeld heeft, van Jezus, lijden, dood en opstanding en dat doet hij met een psalm, met psalm 118:

Deze Jezus is de steen die door u, de bouwers, veracht werd, maar Die de hoeksteen geworden is.

Deze psalm hoort bij het Hallel die op Pesach gezongen wordt, wordt hier door Petrus op Jezus betrokken. Voor Petrus verkondigt deze psalm de opstanding van Jezus. In de Evangeliën betrekt Jezus dit psalmvers ook op zichzelf. Aan het kruis citeert Jezus psalm 22 en 31. Als we psalm 22 lezen is het verwonderlijk hoe sterk wij daar het lijden van Jezus in herkennen. Jezus leefde de psalmen en geeft ze nieuwe betekenis. Het lijden van Jezus weerspiegelt het vele lijden van de psalmen en de opstanding van Jezus vormt de vervulling van het reddend handelen van God waarvan de psalmen getuigen.

Zo kunnen we psalmen zingen met Pasen. Door Jezus, die niet alleen aan Pesach, maar ook aan de psalmen een nieuwe dimensie geeft. Psalm 118 zingt van het handelen van God. In de bevrijding van Egypte, maar ook van de bevrijding van het kwaad en de dood, door de hoeksteen door bouwers afgekeurd, door God zelf ten hoeksteen gelegd.

Ds. Marco Roepers

Meditatie februari

Zie de mens

Zie de mens die in zijn lijden
teken werd voor alle tijden
van wat liefde dragen kan.

De woorden hierboven vormen het eerste vers van lied 586. Ze zijn geïnspireerd op woorden van Pontius Pilatus. Nadat hij Jezus had laten geselen en de soldaten hem een doornenkroon op hadden gezet en een purperen kleed om hadden gedaan, zijn “Zie de mens” de woorden waarmee hij Jezus voorstelt aan de verzamelde menigte.

Waarom zegt Pilatus dat? Om bij de menigte zie zich tegen Jezus gekeerd heeft mededogen op te wekken? Laat u raken door deze deerniswekkende figuur. Want een mens is mens in kwetsbaarheid. Als wij de ander aangetast zien, dan herkennen wij onszelf in de ander. Daar zien wij een mens, zoals wijzelf zijn. Daar zijn we verbonden met elkaar. Jezus is echt mens, net zo echt als wij mens zijn, juist in zijn lijden. Het is tevergeefs, de menigte is in de greep van bloeddorstigheid. Waar blijft hun menselijkheid?

De woorden hebben binnen het Johannes evangelie een nog grotere reikwijdte. Het evangelie begint met: Het Woord is mens geworden. Dat klinkt mee in deze woorden van Pilatus. Hier staat hij: Het woord van God, dat mens geworden is. Pilatus bedoelt het niet, maar het betekent het wel. In deze lijdende mens verbindt God met heel de mensheid, Met u en mij, met alle mensen. Jezus is de mens bij uitstek. Jezus is de mens zoals God het bedoelt: Een mens met ontferming, levend vanuit zijn liefde. Voor ons is Jezus ook degene die laat zien hoe God is. Dat God niet bovenaf wil beschikken over de mensen, maar ons wil dienen. Zich met ons wil verbinden op leven en dood.

Deze mens is de stichter van een koninkrijk. Hij draagt de tekenen van zijn koningschap: een doornenkroon en de purperen mantel. Straks is zijn troon het kruis. Zijn koningschap is van een totaal andere orde. Is van een andere wereld. Een wereld waar de mens is zoals God het bedoelt. En in zijn weg wordt Hij voor ons de weg, de poort naar dat nieuwe koninkrijk.

Hij wordt dat voor de mensen van toen en nu. Pilatus’ woorden zijn in het Latijn overbekend geworden: “Ecce homo”. Zie de mens. De ware mens voor ons die de liefde leeft opdat wij ons aan die liefde geven.

Ds. Marco Roepers

 

Meditatie januari

Kerk van de toekomst
verslag van een kerkdienst

Is dit de kerk vd toekomstKerk van de toekomst ? / toekomst van de kerk was het thema van de kerkdienst op 6 december jl. in de Vredekerk. De dienst werd de week ervoor al aangekondigd door een groot spandoek dat voor de kerk stond, duidelijk zichtbaar voor het winkelend publiek: Is dit de kerk van de toekomst?

Op de zaterdag voor de dienst kwamen daar nog de straatinterviews bij: mensen op straat werd de vraag gesteld naar de toekomst van de kerk. Een filmpje met reacties maakte onderdeel uit van de dienst. Het maakte één van de invalshoeken van de voorbereidingsgroep duidelijk: de kerk moet zich meer laten zien, niet binnen blijven zitten maar naar buiten gaan.

De voorbereidingsgroep bestond uit leden van de Groep voor Ontmoeting en Gesprek, een groep met deelnemers uit beide wijken. Het thema van de dienst, de liederen, de orde van dienst, de gekozen vormen, het gesprek bij de koffie – alles is door deze groep bedacht onder begeleiding van ds Tjalling Huisman.

Eén invalshoek is al genoemd (de kerk moet meer naar buiten), een andere was het idee van de kerk als huisgemeente. Het zou wel eens zo kunnen zijn dat de gemeente zo klein wordt, dat bij elkaar komen in een kerkgebouw te duur is. Natuurlijk doet het iedereen wat, als je mensen ziet vertrekken uit de gemeente en er komen geen anderen voor terug. Tegelijk kan een huisgemeente ook vele voordelen bieden, alleen al het feit dat je echt samenkomt als je samenkomt.

De derde invalshoek van de dienst was ‘bemoediging’, dat kwam terug in de lezing en de uitleg maar ook in het lied dat gezongen werd als geloofsbelijdenis:

Ik geloof in mijn God als de kracht,
die het licht ontsteekt, waar geen luister is.

De tieners waren toen al terug van de Tienerdienst. Ook zij hebben het over het thema van de dienst gehad. Dit is een samenvatting van hun bespreking:

Over 20 jaar zullen er minder mensen naar de kerk gaan een kerkgebouw onderhouden kost veel geld. De kerk draait voor het grootste deel op vrijwilligers   het zal steeds moeilijker worden om vrijwilligers voor de kerk te vinden.

Verschillende geloofsgemeenschappen zullen moeten samenwerken om gezamenlijk een kerk in stand te kunnen houden.

Een kerkdienst is interessanter met:

  • andere muziek – meer ritme; andere muziek
  • instrumenten – geen orgel
  • moderne Bijbelvertaling – bijvoorbeeld ‘Bijbel in gewone taal’
  • korte preken
  • koffie en thee drinken na de dienst
  • gebruik van beamer en af en toe in de dienst een geschikt YouTube filmpje
  • Kerkdienst iets later (10.30 – 11.00 uur)
  • beginnen of ’s avonds om 19.00 uur

De tieners wensen de kerk toe om oplossingen te vinden voor het steeds kleiner worden en om de kerkdiensten interessanter te maken.

Tot zover de inbreng van de tieners.

Nu nog iets over de gebeden: vooraf aan de dienst op 6 december in de Vredekerk, werd aan iedereen de gelegenheid gegeven om een voorbede op te schrijven. Het stond zo op de briefjes: Wat is uw / jouw gebed voor de toekomst van de kerk?

Na het schrijven van je gebedsbriefje, kon je het in een blik het “blikopdetoekomst” gooien.

Bij de voorbeden werden de gebedsbriefjes op een schaal naar voren gebracht. Enkele zijn voorgelezen en in de gebeden genoemd, naar de andere is verwezen tijdens de voorbeden.

De volgende gebeden zijn opgeschreven en gebeden:

  • minder scheiding tussen verschillende kerken, we geloven allemaal in dezelfde God
  • dat ondanks alles het geloof in God blijft bestaan en daardoor de kerk ook
  • samen sterk
  • liefde
  • een volle kerk waar plaats is voor alle mensen
  • de kerk bestaat al 2000 jaar dus heeft zeker toekomst in steeds veranderende vorm *dat alle jongere leden bij onze kerk mogen blijven en zich willen inzetten voor de toekomst
  • respect voor meerdere religies
  • dat we echt samen verder gaan
  • dat we erkennen geen “vreemden” van elkaar te zijn, maar gelijker dan wij denken *dat God zelf de kerk zal bewaren
  • in ieder geval PKN zo snel mogelijk
  • dat de kerk dienstbaar mag zijn naar de samenleving toe en zich geen zorgen maakt om zichzelf
  • een kerst met een samengevoel in de kerk
  • nog meer om elkaar denken en er voor elkaar zijn
  • dat er veel liefde en gemeenschapszin mag uitstralen
  • dat we in een open communicatie kerk kunnen zijn
  • verbondenheid
  • dat alle vluchtelingen een mooi thuis krijgen en er geen oorlog is in elk land en er vrede overal is
  • dat wij elkaar als christenen hier in Loppersum kunnen vinden en veel samen doen
  • niet moeilijk doen als twee wijken, gewoon ontspannen samen verder
  • dat de kerk een plek mag zijn voor iedereen
  • dat de kerk (religie, normen en waarden) een grote rol blijft spelen in de wereld
  • dat het een plek mag zijn waar mensen zich thuis mogen voelen, verbonden met God en elkaar
  • dat de kerk luistert naar de ontwikkelingen in het denken over God en de wereld en niet klakkeloos de aloude dogma’s herhaalt
  • dat wij ondanks onze verschillen één kerk mogen zijn, waar de buitenwereld jaloers op wordt om bij te horen
  • dat het een plaats van stilte, diepgang, openheid naar God mag zijn en (even belangrijk) een plaats van gastvrijheid, rechtvaardigheid, omzien naar elkaar en naar de vreemdeling
  • dat wij actief stelling nemen in wereldvraagstukken en onze christelijke waarden consequent vormgeven
  • de één ziet de ander
  • dat we de liefde van God mogen uitstralen naar elkaar
  • dat God centraal, het belangrijkste in de kerk en in ieders leven mag blijven
  • om in vrede en respect voor elkaar te mogen leven
  • liefde en respect voor elkaar en geloof in God.

Dit was wat op de gebedsbriefjes geschreven stond; we vonden het mooi om het aan ieder die dit leest, mee te geven.

Tot slot: voor de dienst waren we al met koffie en thee begonnen. Het was iets anders dan anders, de kerkdienst begon pas om kwart voor tien, maar dat kwartier koffiedrinken met ontmoeting is ook essentieel voor gemeentezijn.

Ook na de dienst was er weer koffie en thee, dit keer met nagesprek over het thema: ook het samen bespreken van wat er in de dienst naar voren komt, is een wezenlijk onderdeel van gemeentezijn.

Tot zover een kort verslag van deze kerkdienst. Als u / jij verder wilt reageren, graag!

Jack Hoogstra, Melson Zwerver, Tjalling Huisman

Meditatie december

Wees niet bang!

Zeg dat maar eens tegen de vluchteling op een schip midden tussen de hoge golven.
Zeg dat maar eens tegen de vrouw die in een achterstandswijk in het donker de straat op moet.
Zeg dat maar eens tegen het kind dat op het schoolplein gepest wordt.
Wees niet bang!

Onze wereld is vol van angst.
Onze samenleving zit vol met angst.
De terreur die is binnen komen sluipen heeft de schrik er goed in gekregen.
Het maakt je bang voor ieder verdacht pakketje, voor elke ander die anders is.
Wees niet bang?

Je kunt je tot op zeker hoogte verzekeren tegen datgene waar je bang voor bent.
Het is een goede zaak dat we dat in Nederland gezamenlijk doen: draagt elkanders lasten.
Zelfs tegen een ramp kun je je verzekeren, al is dat lastig en kostbaar.
In het geval van terrorisme zit er een limiet aan de verzekering.
Maar steeds geldt: je verzekert je alleen maar tegen de gevolgen.
Een verzekering die voorkomt dat je gepest of dat je wordt aangevallen op straat of dat je iets overkomt op je vlucht – die verzekering bestaat niet.

Wees niet bang!
Dat zegt de engel tegen de herders in het veld bij Bethlehem.
Wees niet bang?
Natuurlijk ben je bang.
Je bent je leven niet zeker, hoe goed je het ook verzekert.

Toch is dat de grondtoon van het leven: wees niet bang.
Het is het goede nieuws van kerst.
God heeft zich met onze wereld verbonden; met huid en haar, op leven en dood.
Iedere kerst mogen we dat opnieuw vieren.
De grondtoon van het leven is: wees niet bang.

Maar je ziet er niets van.
Je ziet er niets van, als je op een schip zit midden tussen de golven.
Je ziet er niets van, maar altijd reist ook die éne mee.
Als een welkome verstekeling, die je pas gaat zien als je hem tevoorschijn roept.
Wees niet bang, zegt hij.

Hoe bang je ook bent – terecht of onterecht , de grondtoon van het leven is anders.
Misschien kun je af en toe dat geloof tot je laten doordringen.
En dan een ander vasthouden, naar zijn angsten luisteren en in jezelf fluisteren: wees niet bang!

ds Tjalling Huisman

Meditatie november

Kerk en aardbeving

3 Doe recht aan weerlozen en wezen,
om op voor verdrukten en zwakken,
bevrijd wie weerloos zijn en arm,
red hen uit de greep van wie kwaad wil.

5 U toont geen inzicht, geen begrip,
en doolt in duisternis rond,
de aarde wankelt op haar grondvesten.

6 Ooit heb ik gezegd: “U bent goden,
zonen van de Allerhoogste, allemaal.”

7 Toch zult u sterven als mensen,
ten val komen als aardse vorsten.’

8 Verhef u, God,
spreek recht op aarde,
alle volken behoren u toe.

Woorden uit Psalm 82. De aarde wankelt op haar grondvesten. Dan moet ik denken aan de aardbevingen. Want net zoals in de psalm wordt de aarde hier een onzekere factor door  het handelen van machten. Het is de macht van de technologie die grootschalig ingrijpt in de ondergrond waardoor een seismologisch rustig gebied ineens onrustig wordt en er dreiging vanuit gaat voor de mensen die er boven op wonen.

Bij het woord “Goden” uit vers 6 kunnen we inderdaad denken aan machten die het leven in de macht hebben. Maar met wankelen van de aarde op haar grondvesten worden geen aardbevingen bedoeld. Het gaat hier om onrecht dat de eenvoudige mensen aangedaan wordt. We kunnen denken aan de politieke grootmachten uit Bijbelse tijden, zoals Egypte en Assyrië en hun opvolgers, maar ook de rechterlijke macht, of economische machten die het mensen moeilijk maken. Dat tast de orde van de wereld aan. De mensen zijn overgeleverd aan grillen, aan chaos.

Dat gevoel leeft hier ook. Overgeleverd te zijn aan de machten die leven, die afhankelijk zijn of profiteren van het gas dat hier gewonnen wordt. Het tast onze woning, zekerheden en vooruitzichten aan, maar soms krijgen we bepaald het idee dat respecteren van de belangen van de bewoners bovenop het aardgasveld halfslachtig gaat: de gaswinning wordt eerst verhoogd om haar later naar het oude niveau te kunnen verlagen.

Mensen met omvangrijke schade doorlopen een tergend langzaam en moeizaam traject voor schadevergoeding. Mensen wier huizen afgebroken worden, krijgen eerst grootse beloften te horen, maar de werkelijkheid blijkt trager en minder rooskleurig te zijn.

Wat kan de kerk nu in dit geheel betekenen? Dat was de vraag van een paar jaar geleden. Niemand vroeg de kerken ter plaatse iets te doen. We zwegen over de problematiek die toen al meer en meer het leven van mensen hier ging bepalen. En velen binnen en buiten de kerk vonden dat zwijgen van de kerk vanzelfsprekend. Tekenend hoe hier in Groningen over de betekenis van het geloof gedacht wordt. Een zaak voor achter de voordeur. Het publieke domein is voorbehouden aan de seculiere krachten.

Maar de Bijbel klaagt het onrecht aan. Zoals dat hier gebeurt in psalm 82. Machten en machthebbers worden opgeroepen recht te doen aan weerlozen en verdrukten. Waarom  doet de kerk dat dan niet in dit geval? Dat besef, dat juist aan hen recht gedaan moet worden, moet de kerk dat niet inbrengen in het publieke debat? Met dit idee is werkgroep Kerk en aardbeving aan de slag gegaan. Allereerst gaat het erom dat we echt open oor en oog krijgen voor mensen die er mee te maken hebben. Dat wij hen horen. Daar begint toch de invulling van deze Evangelische inzet. Daarnaast gaat het erom om in het publieke domein te wijzen op de problemen van de mensen die hierdoor in verdrukking komen. Er is een Zienswijze gepresenteerd aan de nationaal coördinator Groningen. Daarin besteedt de werkgroep veel aandacht aan de mensen die door de aardbevingsproblematiek minder mogelijkheden hebben om keuzes te maken en vooral overgeleverd zijn aan machten. Maar ook de zorg voor de toekomst, voor onze aarde wordt onder woorden gebracht.

De werkgroep heeft ook een website en daar staan allerlei standpunten over en aanzetten tot overdenking van deze problemen. Klik hier voor het adres is: kerk en aardbeving.

ds. Marco Roepers